ECLI:NL:OGHACMB:2013:16

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
25 juni 2013
Publicatiedatum
14 augustus 2013
Zaaknummer
AR 745/99 - H 150/02
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hof veroordeelt Greko's tot betaling van vordering aan geïntimeerde

In deze civiele procedure stond een vordering van geïntimeerde tegen Greko's N.V. centraal. Greko's, oorspronkelijk gedaagde en thans appellante, stelde tijdens de comparitie dat zij via haar rechtsvoorgangster een grotere tegenvordering had op geïntimeerde, waardoor zij geen belang meer had bij een betalingsregeling. Het Hof verwees naar eerdere tussenvonnissen en nam kennis van de stukken, waaronder een vonnis van het GEA uit 2009.

Het Hof oordeelde dat ondanks de gestelde tegenvordering, Greko's gehouden is tot betaling van NAF 1.190.522,24 aan geïntimeerde, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 1 juni 1999, de datum van het inleidend verzoekschrift. Het bestreden vonnis werd integraal vernietigd en het Hof deed opnieuw recht door Greko's te veroordelen tot betaling.

Daarnaast werd Greko's veroordeeld tot betaling van de kosten van de procedure in beide instanties aan de zijde van geïntimeerde, inclusief verschotten en gemachtigdensalarissen. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen. De uitspraak werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en ter openbare terechtzitting in Curaçao uitgesproken.

Uitkomst: Greko's wordt veroordeeld tot betaling van NAF 1.190.522,24 met wettelijke rente en proceskosten aan geïntimeerde.

Uitspraak

Registratienummer: AR 745/99 - H 150/02
Uitspraak: 25 juni 2013
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN
ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN
BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
Eindvonnis in de zaak van:
de naamloze vennootschap
GREKO’S N.V.,
gevestigd in Curaçao,
oorspronkelijk gedaagde,
thans appellante,
gemachtigde: mr. R.E. Blaauw,
- tegen -
[X],
wonend in Curaçao,
oorspronkelijk eiser,
thans geïntimeerde,
thans procederend in persoon.
Partijen worden hierna wederom “Greko’s” en “[X]” genoemd.

1.Het verdere verloop van de procedure

1.1
Het Hof verwijst voor het verloop tot dan toe naar zijn tussenvonnissen van 11 maart 2003, 8 januari 2008, 6 november 2012 en 5 maart 2013.
1.2
Op 3 juni 2013, de voor een comparitie van partijen nader bepaalde dag, is Greko’s verschenen in de persoon van Y. Bakhuis, vergezeld van mr. Blaauw, de gemachtigde van Greko’s. [X] is niet verschenen. Greko’s heeft stukken overgelegd, waaronder een afschrift van een vonnis van het GEA van 10 augustus 2009, AR 501/07,
Z.M.F. Bakhuis-Bendana v. [X].
1.3
Vonnis is bepaald op heden.

2.De verdere beoordeling

2.1
Greko’s heeft ter comparitie gedocumenteerd gesteld dat zij via Z.M.F. Bakhuis-Bendana, kennelijk haar rechtsvoorgangster, een grotere tegenvordering heeft op [X], zodat zij geen belang heeft bij een door het Hof uit te spreken betalingsregeling, al volgt volgens haar uit de destijds gemaakte afspraken dat een geleidelijke betaling wel in beginsel in aanmerking komt.
2.2
Het Hof zal daarom volstaan met veroordeling van Greko’s tot betaling aan [X] van NAF. 1.190.522,24, met wettelijke rente vanaf de indiening van het inleidend verzoekschrift op 1 juni 1999. Het bestreden vonnis zal uit praktische overwegingen integraal worden vernietigd.
2.3
Greko’s dient de kosten van deze procedure in beide instanties aan de zijde van [X] te dragen. De kosten van het deskundigenbericht in hoger beroep heeft Greko’s reeds geheel voor haar rekening genomen.
BESLISSING:
Het Hof:
- vernietigt het bestreden vonnis, en opnieuw rechtdoende:
- veroordeelt Greko’s tot betaling aan [X] van NAF. 1.190.522,24, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juni 1999;
- verklaart deze uitspraak tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
- veroordeelt Greko’s in de kosten van deze procedure aan de zijde van [X] gevallen en tot op heden begroot voor de eerste aanleg op NAF. 8.637,20 aan verschotten en NAF. 24.400,= aan gemachtigdensalaris en voor het hoger beroep op NAF. 248,53 aan verschotten en NAF. 34.800,= aan gemachtigdensalaris;
- wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mrs. J. de Boer, J.P. de Haan en H.J. van Kooten, leden van het Hof en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao uitgesproken op 25juni 2013 in tegenwoordigheid van de griffier.