ECLI:NL:OGHACMB:2013:34
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek ex artikel 43 Sv inzake tenuitvoerlegging ontnemingsvonnis
Verzoeker diende een verzoek ex artikel 43 Sv Pro in bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, strekkende tot onmiddellijke invrijheidstelling in verband met de tenuitvoerlegging van een ontnemingsvonnis. Het verzoek werd behandeld tijdens een zitting op 22 oktober 2013.
Het Hof oordeelde dat verzoeker niet-ontvankelijk is omdat het verzoek zich richt tegen de executie van de vervangende hechtenis van het ontnemingsvonnis en het Gerecht in eerste aanleg (GEA) daarvoor de bevoegde instantie is. Daarnaast bestaat er een aparte procedure in het Wetboek van Strafrecht van Curaçao voor het niet verlenen van voorwaardelijke invrijheidstelling.
Het Hof wees er op dat de Minister van Justitie verzoeker voorwaardelijk in vrijheid had gesteld per 17 september 2013, maar dat verzoeker toch gedetineerd bleef vanwege de uitvoering van het ontnemingsvonnis. Het verzoekschrift werd afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid, waarbij het Hof tevens verwees naar de toepasselijke wettelijke bepalingen, waaronder artikel 43 lid 3 Sv Pro en artikel 634 Sv Pro.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek ex artikel 43 Sv.