ECLI:NL:OGHACMB:2015:10
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- A.H.M. van de Leur
- N.K. Engelbrecht
- P.A.H. Lemaire
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid hof in hoger beroep bij verzoek tot opheffing voorlopige hechtenis
Deze zaak betreft een hoger beroep ex artikel 117 Sv Pro tegen de beslissing van de rechter-commissaris van 14 september 2015, waarbij de voorlopige hechtenis van verdachte werd verlengd en een verzoek tot opheffing of schorsing werd afgewezen.
De procureur-generaal betoogde dat verdachte niet-ontvankelijk is in het beroep tegen de afwijzing van opheffing, omdat geen tijdig beroep was ingesteld tegen de verlenging van de gevangenhouding. De raadsvrouw stelde dat het hof wel bevoegd is om ambtshalve opheffing te beoordelen en dat het beroep primair daarop gericht is.
Het hof oordeelde dat de bevoegdheid tot opheffing van voorlopige hechtenis exclusief bij de rechter-commissaris ligt zolang het onderzoek ter terechtzitting niet is aangevangen. Het hof kan alleen toetsen bij tijdig ingesteld hoger beroep tegen de verlenging. Omdat dit niet is gebeurd, is verdachte niet-ontvankelijk in het verzoek tot opheffing.
Het hof beoordeelde vervolgens het verzoek tot schorsing en concludeerde dat het strafvorderlijk belang bij voortzetting van de voorlopige hechtenis zwaarder weegt dan het persoonlijke belang van verdachte, ondanks diens medische situatie. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de bestreden beschikking bevestigd.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot opheffing van voorlopige hechtenis en het beroep wordt ongegrond verklaard.