Uitspraak
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
voorzitter
griffier
de griffier,
voor deze,
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellante, als wettelijk vertegenwoordiger van een minderjarige vreemdeling, verzocht om een vergunning tot tijdelijk verblijf voor gezinsvorming bij de moeder in Sint Maarten. De minister wees dit verzoek af omdat de vreemdeling niet voldeed aan het uitlandigheidsvereiste, aangezien hij illegaal in Sint Maarten verbleef.
Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld. Het Hof oordeelde dat de minister terecht het beleid handhaafde en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een uitzondering rechtvaardigden.
Voorts werd overwogen dat de afwijzing niet in strijd is met het recht op gezinsleven zoals beschermd door artikel 8 EVRM Pro, omdat de vreemdeling het gezinsleven ook vanuit Grenada kan voortzetten en geen aantoonbare afhankelijkheid van verzorging door de moeder bestond.
Ten slotte verwierp het Hof het beroep op het Verdrag inzake de Rechten van het Kind, omdat dit argument niet tijdig was ingebracht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de vergunning tot tijdelijk verblijf bevestigd.