Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
1 miljoen gulden niet zijn bijgeschreven op de desbetreffende bankrekeningen.
3.De beoordeling
NAf 442,26 aan betekeningskosten.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak stond het ontslag op staande voet van een bankmedewerkster centraal, die als branchemanager bij Girobank werkte. Zij had contante stortingen van klanten in ontvangst genomen zonder dat een tweede medewerker aanwezig was, wat in strijd was met het bankprotocol. Een medewerker meldde dat stortingen van ruim 1 miljoen gulden niet waren bijgeschreven.
De medewerkster werd op 28 juli 2015 op staande voet ontslagen. Zij vorderde herplaatsing en doorbetaling van loon, maar het Hof oordeelde dat het ontslag naar voorlopig oordeel stand zal houden in een bodemprocedure. De arbeidsovereenkomst was per 14 december 2015 ontbonden.
Het Hof wees het verzoek om herroeping van een eerdere beschikking af, oordeelde dat de medewerkster belang behield ondanks de noodregeling voor de bank, en verwierp haar grieven over het protocol. Het Hof concludeerde dat zij als leidinggevende extra zorgplicht had en dat het niet naleven van de procedures een dringende reden voor ontslag opleverde. De proceskosten werden aan de zijde van de medewerkster toegewezen aan Girobank.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het ontslag op staande voet en wijst de loonvorderingen af.