ECLI:NL:OGHACMB:2017:16
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Kort geding
- G.C.C. Lewin
- S.A. Carmelia
- H.J. Fehmers
- Rechtspraak.nl
Vordering onvoldoende aannemelijk in kort geding over rekening-courantschuld ALM
De Arubaaanse Luchtvaart Maatschappij N.V. (ALM) is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba, waarin een vordering van de geïntimeerde tot betaling van een rekening-courantschuld gedeeltelijk werd toegewezen.
De vordering betrof een schuld van circa Afl. 549.495,- die in de jaarrekeningen van ALM over 2012-2014 was opgenomen. ALM betwistte de vordering en stelde dat de grondslag onduidelijk was en dat er sprake was van verrekenbare tegenvorderingen. De rechtbank kende een lager bedrag toe.
Het Hof oordeelde dat de vordering onvoldoende aannemelijk was omdat niet duidelijk was hoe het saldo was opgebouwd en of de rechten van derden waren overgedragen aan de geïntimeerde. Ook was het spoedeisend belang aanwezig, maar niet zodanig dat toewijzing in kort geding gerechtvaardigd was. Het Hof vernietigde het vonnis en wees de vordering volledig af, waarbij de geïntimeerde in de kosten werd veroordeeld.
Uitkomst: De vordering van de geïntimeerde wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid en onduidelijkheid over de grondslag.