ECLI:NL:OGHACMB:2017:90
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.A. Saleh
- G.C.C. Lewin
- H.J. Fehmers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag op staande voet wegens onvoldoende dringende reden en onverwijldheid
De zaak betreft een hoger beroep van de werkgever Conexion tegen een vonnis van de rechtbank Aruba dat het ontslag op staande voet van een office manager ongeldig verklaarde. De werknemer was geschorst en vervolgens op staande voet ontslagen wegens vermeende financiële onregelmatigheden, waaronder het niet afdragen van een bedrag aan de belastingdienst en het niet nakomen van een leningsovereenkomst.
Het Hof oordeelde dat het onderzoek van de werkgever naar de vermeende onregelmatigheden onvoldoende voortvarend was, aangezien het meer dan drie weken duurde zonder goede rechtvaardiging. Dit maakte het ontslag niet onverwijld. Daarnaast waren de ontslaggronden onvoldoende onderbouwd en niet ernstig genoeg om een dringende reden te vormen. De werkgever kon niet aannemelijk maken dat de werknemer bewust had verduisterd of dat de betalingsachterstanden een dringende reden opleverden.
De aanvullende argumenten van de werkgever over nieuwe feiten na het ontslag werden niet aanvaard vanwege het fixatiebeginsel, dat inhoudt dat de werkgever gebonden is aan de bij het ontslag meegedeelde redenen. Het Hof bevestigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde de werkgever in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het vonnis dat het ontslag op staande voet ongeldig is wegens onvoldoende dringende reden en onverwijldheid.