Uitspraak
1.Aanduiding bestreden beschikking
2.Procesverloop
Feiten en standpunten
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Eiseres, geboren in Jamaica, verbleef sinds 2009 op Sint Maarten, deels illegaal en zonder te voldoen aan het uitlandigheidsvereiste. Zij vroeg in 2016 een vergunning tot tijdelijk verblijf aan, welke werd afgewezen omdat zij niet aan het vereiste voldeed. Na bezwaar en een eerdere vernietiging van het besluit, nam de minister een nieuw besluit waarin geen uitzondering werd gemaakt op het uitlandigheidsvereiste.
Het Gerecht oordeelde dat eiseres en haar moeder verantwoordelijk zijn voor het langdurig illegaal verblijf en dat er geen redelijke grond was om een uitzondering te maken. Het overlijden van de grootmoeder in 2013 bood geen rechtvaardiging voor het niet naleven van het vereiste. Ook het beroep op artikel 8 EVRM Pro faalde omdat geen bijzondere emotionele band was aangetoond.
De conclusie was dat het beleid van de minister, gericht op het beteugelen van illegaal verblijf en het handhaven van het uitlandigheidsvereiste, niet onredelijk was toegepast. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens het niet voldoen aan het uitlandigheidsvereiste en het ontbreken van een redelijke grond voor uitzondering.