Uitspraak
1.de VOOGDIJRAAD ARUBA,
de stichting FUNDACION GUIA MI,
[GEÏNTIMEERDE],
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba op 29 mei 2018 uitspraak gedaan in hoger beroep over de voogdij over een minderjarige. De moeder had hoger beroep ingesteld tegen een beschikking waarbij de voogdij was gewijzigd van de stichting Guia Mi naar een nieuwe voogdes, een vanuit Nederland uitgezonden werkneemster.
De moeder stelde dat zij niet was opgeroepen voor de mondelinge behandeling en dat zij in het ouderlijk gezag hersteld moest worden. Het Hof oordeelde dat de moeder wel als belanghebbende moest worden aangemerkt en dat haar hoger beroep ontvankelijk was. De moeder had haar standpunten kunnen inbrengen, zodat terugwijzing naar de eerste aanleg niet nodig was.
Het Hof beoordeelde de belangen van de minderjarige, waarbij werd meegewogen dat de moeder eerder uit het gezag was ontheven wegens ongeschiktheid en dat de minderjarige sinds oktober 2016 volledig bij de nieuwe voogdes verblijft en zich goed ontwikkelt. Contact met de moeder was instabiel en emotioneel belast. Het Hof achtte het in het belang van de minderjarige dat de voogdij werd overgenomen door de nieuwe voogdes, ook al betekende dit emigratie naar Nederland.
Het verzoek van de moeder tot herstel in het ouderlijk gezag werd afgewezen. Het Hof benadrukte dat contact via moderne communicatiemiddelen de omgang kan ondersteunen, maar geen vervanging is. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de voogdijwijziging en wijst het verzoek van de moeder tot herstel in het ouderlijk gezag af.