Uitspraak
Zaaknummer: H 147/2018
Vonnis
[VERDACHTE],
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
60 (zestig) maanden;
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot 55 maanden gevangenisstraf voor het invoeren en vervoeren van cocaïne en hennep binnen de territoriale wateren van Curaçao. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Het Hof nam de bewijsmiddelen van het Gerecht over en vulde deze aan met verklaringen van medeverdachten en de verbalisant.
Uit de verklaringen bleek dat de verdachte samen met medeverdachten op een boot zonder kapitein voer, met een aanzienlijke hoeveelheid cocaïne en hennep aan boord, bestemd voor Curaçao. De verdachte ontkende aanvankelijk kennis van de drugs, maar het Hof verwierp dit verweer als ongeloofwaardig gezien de consistente verklaringen van alle betrokkenen.
Het Hof oordeelde dat de ernst van de feiten en de betrokkenheid van de verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigen. De straf werd verhoogd tot 60 maanden met aftrek van voorarrest. Daarnaast bevestigde het Hof de beslissingen omtrent de in beslag genomen verdovende middelen, waarbij deze van rechtswege eigendom zijn van het Land.
De uitspraak werd gewezen door drie leden van het Hof en uitgesproken op 8 november 2018 in Curaçao, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis in mindering werd gebracht op de opgelegde straf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 60 maanden gevangenisstraf voor invoer en vervoer van cocaïne en hennep.