Uitspraak
Zaaknummer: H- 58/2019
Vonnis
(volgens eigen opgave:) [VERDACHTE],
(het Hof begrijpt: de verdachte N.A. [verdachte]). Het wapen is van [verdachte]. [1]
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft op 2 mei 2019 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen een verdachte die in eerste aanleg veroordeeld was tot achttien maanden gevangenisstraf wegens bezit van een vuurwapen en munitie.
Het Hof heeft het vonnis van de rechtbank bevestigd, maar verving een bewijsmiddel en de bewijsoverweging. De zaak draaide om het feit dat verdachte tijdens een politieachtervolging in een auto zat waarin een schietklaar vuurwapen werd aangetroffen. De verdachte droeg de tas met het vuurwapen toen hij instapte en werkte samen met medeverdachten om het wapen weg te gooien.
Het Hof oordeelde dat aan de voorwaarden voor medeplegen van vuurwapenbezit was voldaan, omdat verdachte bewust en nauw samenwerkte met medeverdachten om het vuurwapen te verbergen. Hoewel het Hof verdachte als first offender zag, legde het geen lagere straf op dan de achttien maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf van de eerste rechter, vanwege het schietklare karakter van het wapen en het gebrek aan openheid van zaken door verdachte.
De uitspraak werd gedaan in aanwezigheid van de griffier, waarbij één rechter niet kon medeondertekenen. Het vonnis bevestigt daarmee de eerdere straf en onderstreept het gevaar van het bezit van een geladen vuurwapen onder verdachte omstandigheden.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de veroordeling van verdachte tot achttien maanden gevangenisstraf voor medeplegen van bezit van een schietklaar vuurwapen.