ECLI:NL:OGHACMB:2019:68
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep kort geding
- E.A. Saleh
- M.W. Scholte
- J. de Boer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep in kort geding over ontruiming en bedrijfsuitoefening in erfpachtpand
In deze zaak staat een geschil tussen een moeder en haar zoon centraal over het gebruik en eigendom van een pand op erfpachtgrond. De moeder is erfpachter en verhuurde de benedenverdieping, terwijl de zoon de bovenverdieping met eigen geld bouwde en gebruikte. De zoon bracht een nieuw slot aan op de benedenverdieping, waardoor de moeder deze niet kon verhuren, wat leidde tot schade.
De rechtbank veroordeelde de zoon tot ontruiming van de benedenverdieping en het bedrijf op de bovenverdieping, staking van bedrijfsactiviteiten, en betaling van een voorschot op schadevergoeding. De zoon ging in verzet tegen het voorschotbedrag, waarop het hof dit bedrag halveerde maar de rest van het vonnis bekrachtigde.
In hoger beroep faalt het beroep van de zoon op ontruiming van de benedenverdieping, omdat de moeder als erfpachter gerechtigd is en geen gebruiksrecht aan de zoon heeft verschaft. Het beroep slaagt wel voor de bovenverdieping, omdat onvoldoende is bewezen dat de zoon daar een viskwekerij exploiteert. De schadevergoeding wegens verhindering van verhuur wordt bevestigd.
Vanwege de nauwe familieband vernietigt het hof ambtshalve de kostenveroordeling. De kosten van het hoger beroep worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bevestigt ontruiming benedenverdieping en schadevergoeding, wijst ontruiming bovenverdieping af en compenseert de kosten.