Uitspraak
1.Procesverloop
2.Feiten
3.Geschil in hoger beroep
4.Oordeel van het Gerecht
5.Beoordeling van het geschil
6.Proceskostenvergoeding
7.Beslissing
bevestigtde uitspraak van het Gerecht.
datum-stempel) aan partijen verzonden.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Belanghebbende, ingezetene van Curaçao, maakte bezwaar tegen de aanslag premie Basisverzekering ziektekosten (BVZ) over 2016, waarbij de persoonlijke lasten niet in aftrek werden gebracht op het premie-inkomen. Na afwijzing van het bezwaar door de Inspecteur, verklaarde het Gerecht het beroep ongegrond. Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de persoonlijke lasten wel in mindering moesten worden gebracht op het premie-inkomen.
Het Hof oordeelde dat het begrip 'inkomen' in artikel 3, vierde lid, van de Landsverordening inkomstenbelasting 1943 (LIB) betrekking heeft op het bruto-inkomen verminderd met de kosten en lasten die direct samenhangen met de inkomsten, zoals geregeld in artikel 9 LIB Pro. Persoonlijke lasten en buitengewone lasten worden pas in mindering gebracht bij de bepaling van het 'zuiver inkomen' zoals bedoeld in artikel 3, derde lid, LIB.
Daarmee is het premie-inkomen voor de BVZ niet gelijk aan het zuiver inkomen en mogen persoonlijke lasten niet in aftrek worden gebracht bij de vaststelling van het premie-inkomen. Het betoog van belanghebbende berust op een verkeerde interpretatie van de wetsteksten en wordt verworpen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerecht bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag premie BVZ wordt bevestigd zonder aftrek van persoonlijke lasten.