Uitspraak
Zaaknummer: H 37/18
Beslissing
[VEROORDEELDE],
BESLISSING
812.000,- (zegge: achthonderdentwaalfduizend gulden).
568.400,- (zegge: vijfhonderdachtenzestigduizend vierhonderd gulden).
3 jaren.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft op 18 juli 2022 het hoger beroep behandeld tegen de ontnemingsbeslissing van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba van 30 juni 2017. De zaak betreft een veroordeelde die in een strafzaak is veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie, drugshandel, bedreiging, verboden wapenbezit en witwassen in de periode van 1 mei 2005 tot en met 24 september 2007.
Het Hof vernietigt de eerdere beslissing omdat het tot een ander oordeel komt over de vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Het stelt het voordeel vast op Afl. 812.000,- op basis van verklaringen van een getuige en de veroordeelde zelf, waarbij het aantal drugstransporten en de winst per kilo cocaïne zijn berekend. Bepaalde posten uit een deelonderzoek en incidentele transporten worden niet meegenomen om dubbeltelling te voorkomen.
Daarnaast constateert het Hof een forse overschrijding van de redelijke termijn in zowel eerste aanleg (7 jaar en 9 maanden) als in hoger beroep (3 jaar). Dit leidt tot een korting van 30% op het ontnemingsbedrag, waardoor de betalingsverplichting wordt vastgesteld op Afl. 568.400,-. Bij niet-betaling kan vervangende hechtenis worden toegepast. Het Hof houdt rekening met de draagkracht van de veroordeelde en de mogelijkheid tot uitstel of betaling in termijnen.
Uitkomst: Het Hof stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op Afl. 568.400,- en legt betaling op met vervangende hechtenis bij niet-betaling.