De Buurtvereniging Jan Sofat vorderde in hoger beroep dat de buurtbewoner, eigenaar van kavel W37, maandelijks NAf 250,- zou betalen als bijdrage in de kosten van gezamenlijke voorzieningen in de woonwijk Jan Sofat. In eerste aanleg was de buurtbewoner veroordeeld tot betaling van NAf 200,- per maand, met een korting vanwege niet-gebruik van recreatieve voorzieningen.
Het Hof oordeelde dat ondanks het ontbreken van een contractuele verplichting, de buurtbewoner naar redelijkheid en billijkheid verplicht is bij te dragen in de kosten van voorzieningen die mede ten behoeve van zijn kavel zijn. De recreatieve voorzieningen zijn uitsluitend voor bewoners en bestonden al bij aankoop van de kavel, waardoor rekening gehouden moest worden met de bijdrageplicht.
Het incidenteel beroep van de buurtbewoner om het vonnis te vernietigen werd niet ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. Het Hof verhoogde de maandelijkse bijdrage naar NAf 250,- en veroordeelde de buurtbewoner tot betaling van rente en proceskosten in beide instanties. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.