Uitspraak
1.Het verdere verloop van de procedure
2.De verdere beoordeling
P1;
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze civiele zaak staat de verdeling van een gemeenschappelijk onroerend goed te Aruba centraal. Het Gerecht had appellant bevolen het onroerend goed te koop te zetten en bij uitblijven van verkoop binnen zes maanden het pand te veilen, waarbij de opbrengst na aflossing van hypotheek en lasten gelijk wordt verdeeld. Medewerking van de beperkt gerechtigde, belanghebbende, is wettelijk vereist voor een geldige verdeling.
Het Hof overweegt dat zonder medewerking van de beperkt gerechtigde geen geldige verdeling tot stand komt en dat de beperkt gerechtigde partij bij de verdeling wordt. Omdat belanghebbende geen medewerking verleent, moet zij als belanghebbende in de procedure worden betrokken. Indien zij blijft weigeren, kan een onzijdig persoon worden benoemd om de verdeling mogelijk te maken.
Appellant voert aan dat uitstel van verdeling noodzakelijk is vanwege zijn persoonlijke omstandigheden en de economische crisis, terwijl geïntimeerde juist een spoedige verdeling wenst vanwege de volledige hypotheeklast die hij draagt. Het Hof weegt deze belangen en acht het belang van geïntimeerde zwaarder.
Het Hof geeft partijen gelegenheid om te reageren op de weigering van belanghebbende en verzoekt aan te geven of een onzijdig persoon moet worden benoemd. De verdere beslissing wordt aangehouden en de zaak wordt verwezen naar een volgende rolzitting.
Uitkomst: Het Hof stelt dat medewerking van de beperkt gerechtigde vereist is voor geldige verdeling en houdt verdere beslissing aan totdat partijen reageren op benoeming onzijdig persoon.