ECLI:NL:OGHACMB:2024:2
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.M. van der Bunt
- G.C.C. Lewin
- E.W.A. Vonk
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen verstekvonnis niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Rafidain Bank stelde verzet in tegen een verstekvonnis waarbij zij was veroordeeld tot betaling aan Poultry and Poultry Products JSC (PPP). Het verstekvonnis betrof een schuldvordering en was gevolgd door de executie van conservatoir beslag op aandelen van Rafidain Bank in UBAC Curacao N.V.
Het Gerecht had het verzet niet-ontvankelijk verklaard omdat het verzetschrift te laat was ingediend, na afloop van de wettelijke termijn die aanvangt bij betekening of tenuitvoerlegging van het vonnis. Rafidain Bank voerde aan dat zij niet tijdig op de hoogte was van het vonnis en dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege omstandigheden in Irak.
Het Hof oordeelde dat de termijn aanvangt op de dag van de tenuitvoerlegging, hier de veiling van aandelen op 23 december 2014. Het verzet van 1 maart 2021 was derhalve te laat. De omstandigheden in Irak boden geen rechtvaardiging voor de overschrijding. Tevens werd geoordeeld dat de Curaçaose rechter bevoegd was gezien de beslaglegging op aandelen in Curaçao.
Daarmee werd het vonnis van het Gerecht bevestigd en Rafidain Bank veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het verzet tegen het verstekvonnis is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de verzettermijn.