ECLI:NL:OGHACMB:2024:219
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.A. Saleh
- G.C.C. Lewin
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens niet-overname faillissementsprocedure in hoger beroep
In deze zaak speelde het hoger beroep tussen meerdere besloten vennootschappen en het Land Curaçao. Eén van de appellanten, een gefailleerde besloten vennootschap, wenste de procedure niet over te nemen. De curator in het faillissement gaf dit schriftelijk aan en kreeg toestemming van de rechter-commissaris om de procedure niet voort te zetten.
Het Land verzocht daarop om ontslag van de instantie tegen deze gefailleerde partij op grond van artikel 23 lid 2 van Pro het Faillissementsbesluit. Het Hof voerde een belangenafweging uit waarbij het belang van het Land, dat de proceskosten niet kan verhalen, werd afgewogen tegen het belang van de gefailleerde partij om een inhoudelijke beslissing te krijgen en te voorkomen dat het vonnis in kracht van gewijsde gaat.
De gefailleerde partij werd gehoord via haar gemachtigde, die bevestigde dat de procedure niet werd overgenomen en zich niet verzette tegen het verzoek om ontslag van de instantie. Het Hof besloot het verzoek toe te wijzen, het Land te ontslaan van de instantie tegen deze partij, en veroordeelde de gefailleerde partij in de proceskosten, die aan de zijde van het Land nihil werden begroot.
De procedure wordt voortgezet tussen de overige appellanten en het Land. Een nieuwe datum voor de comparitie van partijen zal worden vastgesteld en aan partijen per e-mail worden medegedeeld.
Uitkomst: Het Hof ontslaat het Land van de instantie tegen de gefailleerde partij en veroordeelt deze in de proceskosten; de procedure wordt voortgezet tegen de overige appellanten.