Uitspraak
[deurwaarder 1],
[deurwaarder 2],
beklaagden.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Klager diende een klacht in tegen twee deurwaarders, waarbij hij stelde dat deurwaarder 1 ongepaste uitlatingen had gedaan over zijn financiële situatie en dat er sprake was van belangenverstrengeling vanwege familiebanden tussen de deurwaarders. De klacht richtte zich op vermeende schending van ambtsplichten en vertrouwelijkheid.
Tijdens de zitting werd door deurwaarder 1 betwist dat zij dergelijke uitlatingen had gedaan, ondanks het huurconflict met een zakenpartner van klager. Klager kon zijn stellingen onvoldoende onderbouwen met bewijsstukken. Het hof oordeelde dat er geen sprake was van klachtwaardig handelen van deurwaarder 1.
Klager trok de klacht tegen deurwaarder 2 in, waarna het hof deze klacht niet-ontvankelijk verklaarde. De procedure bood geen ruimte voor het opleggen van verboden zoals door klager gevraagd. De uitspraak bevestigt dat deurwaarders hun ambtsplichten niet hebben geschonden volgens de beschikbare feiten en bewijs.
Uitkomst: De klacht tegen deurwaarder 1 is ongegrond verklaard en de klacht tegen deurwaarder 2 niet-ontvankelijk verklaard.