ECLI:NL:OGHACMB:2026:185
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Wraking
- C.J.H.G. Bronzwaer
- N.M. Martinez
- H.M.E. Tebbenhoff Rijnenberg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens procedurele beslissing om nadere stukken op te vragen
Verzoekers dienden een wrakingsverzoek in tegen een rechter van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie vanwege diens beslissing om nadere stukken op te vragen in strafzaken waarin zij betrokken zijn. De wraking werd aangevraagd omdat verzoekers meenden dat de rechter geen bevoegdheid had om het openbaar ministerie te instrueren nader onderzoek te verrichten na aanvang van de terechtzitting, wat volgens hen het recht op een eerlijk proces schond.
De wrakingskamer behandelde het verzoek na schriftelijke en mondelinge behandeling, waarbij ook de officier van justitie haar standpunt gaf. De wrakingskamer overwoog dat een wrakingsverzoek niet kan worden gebaseerd op procedurele beslissingen zoals het opvragen van nadere stukken, omdat wraking geen verkapt rechtsmiddel is. Tevens is het gesloten stelsel van rechtsmiddelen van toepassing, waardoor motivering van procedurele beslissingen niet als grond voor wraking kan dienen, tenzij sprake is van objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.
Verzoekers konden geen uitzonderlijke omstandigheden aantonen die wijzen op vooringenomenheid van de rechter. De wrakingskamer concludeerde daarom dat het wrakingsverzoek niet slaagt en wees het af. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen omdat de procedurele beslissing van de rechter geen grond voor wraking vormt en er geen aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid.