ECLI:NL:OGHNAA:2004:BF3966
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van brief als beschikking in bestuursrechtelijke procedure op Sint Maarten
Appellante had het Bestuurscollege verzocht te bevestigen dat zij rechtmatig een standplaats mocht innemen op grond van verleende vergunningen. Het Bestuurscollege reageerde met een brief waarin het mededeelde dat appellante niet beschikte over de vereiste vergunning, maar na betaling van leges in aanmerking kon komen. Tevens werd het voornemen tot intrekking van een eerdere vestigingsvergunning meegedeeld en werd gewezen op algemene besluiten over standplaatsverplaatsingen.
Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk omdat het oordeelde dat de brief geen beschikking was die appellante rechtstreeks in haar belang trof. Appellante stelde hoger beroep in tegen deze beslissing.
Het Hof oordeelde dat de brief inderdaad geen beschikking was als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak, omdat deze geen publiekrechtelijke rechtshandeling van niet-algemene strekking inhield en geen rechtsgevolg voor appellante had. Hierdoor was het Gerecht onbevoegd om kennis te nemen van het beroep. Het Hof vernietigde de uitspraak van het Gerecht en verklaarde het Gerecht onbevoegd. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellante terugbetaald.
Uitkomst: Het Hof verklaart het Gerecht onbevoegd omdat de brief geen beschikking is en vernietigt de uitspraak van het Gerecht.