ECLI:NL:OGHNAA:2005:BF7467
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering vergunning tijdelijk verblijf wegens onvoldoende motivering
Appellant sub 2 diende een aanvraag in voor een vergunning tot tijdelijk verblijf bij zijn partner, welke door de Gezaghebber namens de Minister van Justitie werd geweigerd op grond dat er geen feitelijke samenwoning was.
Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van appellant sub 2 ongegrond en het beroep van appellante sub 1 niet-ontvankelijk. Het Hof oordeelt dat appellante sub 1 niet als belanghebbende kan worden aangemerkt omdat de beschikking haar niet rechtstreeks raakt.
Het Hof vernietigt de beschikking van 3 mei 2003 wegens onvoldoende draagkrachtige motivering, aangezien het enkele feit van het niet feitelijk samenwonen geen geldige weigeringsgrond is volgens de Landsverordening Toelating en Uitzetting.
Echter, het Hof bepaalt dat de rechtsgevolgen van de vernietigde beschikking in stand blijven, omdat een nieuwe motivering is gegeven die wel een geldige grond kan vormen. Tevens veroordeelt het Hof de Minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant sub 2.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de weigering van de vergunning wegens onvoldoende motivering maar handhaaft de rechtsgevolgen van de beschikking.