ECLI:NL:OGHNAA:2005:BF7486
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens termijnoverschrijding in bestuursrechtelijke verblijfsvergunningzaak
De Minister van Justitie stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba die een beschikking tot afwijzing van een verblijfsvergunning vernietigde. Het hoger beroep werd echter niet binnen de zes weken na dagtekening van de uitspraak ingediend, waardoor sprake was van termijnoverschrijding.
De wettelijke regeling, neergelegd in artikel 53b en 53c van de Landsverordening administratieve rechtspraak, bepaalt dat het beroepschrift binnen zes weken moet worden ingediend en dat niet-ontvankelijkheid kan worden voorkomen indien het beroepschrift zo spoedig mogelijk na de termijn is ingediend en de termijnoverschrijding niet aan de indiener kan worden toegerekend.
Het Hof oordeelde dat de Minister het hoger beroep niet tijdig had ingediend en ook niet aannemelijk had gemaakt dat het beroep zo spoedig als redelijkerwijs verlangd kon worden was ingesteld. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
De uitspraak werd gedaan door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba op 30 mei 2005, waarbij de Minister werd vertegenwoordigd door mr. N.K. Engelbrecht en belanghebbende door mr. M.M. Malmberg.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Minister werd niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig indienen.