ECLI:NL:OGHNAA:2005:BG0783
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- C.H. Govaerts
- R.W.L. Loeb
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na verlening vergunning tijdelijk verblijf en proceskostenveroordeling
Verzoeker stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van het Gerecht waarin zijn beroep tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar tegen de afwijzing van een aanvraag voor een vergunning tot tijdelijk verblijf ongegrond werd verklaard.
Tijdens de procedure in hoger beroep verleende het bestuursorgaan alsnog de gevraagde verblijfsvergunning, waarna verzoeker het hoger beroep introk. Het Hof oordeelde dat het bestuursorgaan daarmee geheel tegemoet was gekomen aan verzoeker, zoals bedoeld in artikel 50, tiende lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar).
Het Hof veroordeelde de Minister van Justitie tot vergoeding van de proceskosten die verzoeker had gemaakt voor de behandeling van het beroep en hoger beroep, alsmede tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De intrekking van het hoger beroep werd geaccepteerd en het verzoek tot proceskostenvergoeding toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken na verlening van de verblijfsvergunning en de Minister van Justitie is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.