ECLI:NL:OGHNAA:2006:BG1012
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake toepasselijkheid Landsverordening toelating en uitzetting op verblijf dochter
De zaak betreft een hoger beroep van de Minister van Justitie tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba, waarin het bezwaar van de vader tegen het uitblijven van een verklaring dat de Landsverordening toelating en uitzetting (LTU) niet op zijn dochter van toepassing is, gegrond werd verklaard.
De LTU bepaalt in artikel 1 welke Pro personen niet onder de verordening vallen. Een verklaring van de Minister hierover is niet gericht op een rechtsgevolg en vormt geen beschikking in de zin van de Landsverordening algemene rechtspositie ambtenaren (Lar). Het Hof oordeelt dat het uitblijven van een dergelijke verklaring geen beschikking is en dat het bezwaar van de vader daarom niet-ontvankelijk verklaard had moeten worden.
Het Hof vernietigt de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg, verklaart het beroep van de vader tegen de beschikking van de Minister van 2 november 2004 gegrond en vernietigt deze beschikking. Tevens veroordeelt het Hof de Minister tot vergoeding van proceskosten en gelast het Land Aruba het betaalde griffierecht terug te geven.
De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 5 juni 2006 door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba.
Uitkomst: Het Hof verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk en vernietigt de eerdere uitspraak en beschikking.