ECLI:NL:OGHNAA:2006:BG1528
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk bij beëindiging arbeidsovereenkomst met toestemming werkgever
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de door de Directeur van de Directie Arbeid en Onderzoek verleende toestemming aan de werkgever om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De Directeur verklaarde het bezwaar ongegrond en het Gerecht in eerste aanleg bevestigde dit bij uitspraak van 2 november 2005.
Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. Het hof overwoog ambtshalve dat een belanghebbende alleen rechtsmiddelen kan aanwenden indien hij daardoor in een gunstiger positie kan komen. Omdat de arbeidsovereenkomst met toestemming van de Directeur reeds beëindigd was en appellant daartegen geen rechtsmiddel had aangewend, was de beëindiging onaantastbaar.
Het hof concludeerde dat appellant door het instellen van het hoger beroep niet in een gunstiger positie kan komen en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd gedaan op 5 juni 2006.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is beëindigd en appellant daardoor geen belang heeft.