ECLI:NL:OGHNAA:2008:BD9112
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- B.M. Mezas
- G.E.M. Polkamp
- L.J. de Kerpel-van de Poel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verdeling echtelijke woning na ontbinding huwelijksgoederengemeenschap
Tussen partijen stond vast dat [Appellant 1] en [Appellant 2] tot 1987 in gemeenschap van goederen waren gehuwd en dat de woning onderdeel uitmaakte van die gemeenschap. De huwelijksgoederengemeenschap was nog niet verdeeld. [Geïntimeerde N.V.] had een huurkoopovereenkomst met [Appellant 1] en een derde partij gesloten met betrekking tot de woning, welke overeenkomst door het Gerecht in eerste aanleg was bevestigd.
Na executoriaal beslag en een geplande openbare verkoop die niet doorging vanwege de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap, vorderde [Geïntimeerde] betaling van de openstaande huurkooptermijnen. [Appellant 1] en [Appellant 2] gingen in hoger beroep tegen de verdeling van de woning die het GEA had bevolen.
Het Hof oordeelde dat er geen zwaarwegende belangen waren die uitstel van verdeling rechtvaardigden. Het belang van [Geïntimeerde] bij de verdeling was evident vanwege de opeisbare vordering. Het Hof bevestigde het vonnis van het GEA en veroordeelde [Appellant 1] en [Appellant 2] in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het vonnis tot verdeling van de woning en wijst het hoger beroep af met veroordeling in de kosten.