ECLI:NL:OGHNAA:2008:BG7898
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- U.I.D. Luydens
- H.L. Wattel
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs verduistering en diefstal door werknemer
In hoger beroep werd verdachte vrijgesproken van de tenlastegelegde verduistering en diefstal uit de winkel waar zij werkte. De aangifte betrof vijf werknemers die samen met derden goederen zouden hebben weggenomen. Hoewel er een videoband was overhandigd, ontbrak concrete inhoudelijke onderbouwing in het dossier en was de videoband zelf niet beschikbaar.
Verdachte ontkende iedere betrokkenheid en de verklaringen van mede-verdachten noemden haar wel, maar zonder concreet bewijs van haar handelen. De raadsman voerde niet-ontvankelijkheid aan wegens gebrek aan redelijk vermoeden bij aanhouding, maar dit werd verworpen omdat de politie voldoende aanwijzingen had.
Het Hof oordeelde dat het vonnis van de rechtbank niet in stand kon blijven omdat niet wettig en overtuigend kon worden vastgesteld dat verdachte strafbaar handelde. Het vonnis van eerste aanleg werd vernietigd en verdachte werd vrijgesproken.
De zaak illustreert het belang van concreet bewijs en de onmogelijkheid tot veroordeling bij louter beschuldigingen zonder onderbouwing. De procedure verliep met inachtneming van hoor en wederhoor en de verdachte werd in hoger beroep volledig gehoord.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van strafbare betrokkenheid.