ECLI:NL:OGHNAA:2008:BH1215
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- H.L. Wattel
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake niet-ontvankelijkheid bezwaar werkgever in verblijfsvergunningprocedure
De werkgever had een vergunning tot tijdelijk verblijf aangevraagd voor een vreemdeling, welke door de minister van Justitie werd afgewezen. De werkgever ging uit eigen hoofde in bezwaar tegen deze beschikking, maar werd door het Gerecht in eerste aanleg niet-ontvankelijk verklaard. Het Hof oordeelt dat de werkgever geen belanghebbende is als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) en dat het bezwaar daarom niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard.
Het Hof vernietigt de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg en de beschikking van de minister van Vreemdelingenzaken. Tevens verklaart het Hof het beroep van de werkgever gegrond en bepaalt dat het bezwaar niet-ontvankelijk is. Het Hof veroordeelt de minister tot vergoeding van proceskosten en gelast terugbetaling van griffierecht aan de werkgever.
De zaak werd behandeld op 24 september 2008, waarbij beide partijen werden vertegenwoordigd door advocaten. Het Hof heeft ambtshalve overwogen dat alleen degene die rechtstreeks in zijn belang is getroffen belanghebbende is voor bezwaar. De werkgever handelde uit eigen hoofde en was daarom niet ontvankelijk. Deze uitspraak vervangt de vernietigde beschikking en uitspraak.
Uitkomst: Het bezwaar van de werkgever wordt niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep gegrond verklaard.