ECLI:NL:OGHNAA:2008:BH1232

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba

Datum uitspraak
20 november 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
264 HLAR 36/08
Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Herziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 96 LARArt. 78 LAR
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot herziening inzake bevoegdheid Eilandsraad besluit 3 december 1990

De vereniging Drag Racing Association Curaçao (DRAC) verzocht het Gemeenschappelijk Hof om herziening van een eerdere uitspraak waarin hun hoger beroep ongegrond werd verklaard. DRAC stelde dat het Hof had miskend dat de Eilandsraad het besluit van 3 december 1990 niet op aanvraag van de stichting Fundashon Autosport Curaçao had genomen en daarom onbevoegd was.

Het Hof oordeelde dat de aangevoerde feiten geen nieuwe feiten of omstandigheden waren in de zin van artikel 96, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (LAR). Dit artikel biedt een bijzonder rechtsmiddel om onherroepelijke uitspraken te herzien op grond van feiten die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.

Het Hof benadrukte dat herziening niet bedoeld is om het debat te heropenen of de juistheid van de uitspraak opnieuw te toetsen, behalve op basis van de genoemde nieuwe feiten. Het verzoek van DRAC werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

De uitspraak werd gedaan door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba op 20 november 2008.

Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten die herziening rechtvaardigen.

Uitspraak

264 HLAR 36/08
Datum uitspraak: 20 november 2008
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA
Uitspraak (artikel 96 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak) op het verzoek van:
de vereniging Drag Racing Association Curaçao, gevestigd op Curaçao,
verzoekster,
om herziening van de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 29 november 2007 in zaak nr. 203 HLAR 31/07.
1. Procesverloop
Bij brief, bij het Hof ingekomen op 5 juni 2008, heeft verzoekster (hierna: DRAC) het Hof verzocht zijn uitspraak van 29 november 2007 in zaak nr. 203 HLAR 31/07, waarbij het hoger beroep van DRAC tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, van 22 mei 2007 ongegrond is verklaard, te herzien.
De eilandsraad van het Eilandgebied Curaçao (hierna: de eilandsraad) heeft een verweerschrift ingediend.
Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 19 september 2008, waar DRAC, vertegenwoordigd door E.J. Leito, vergezeld van haar bestuursleden […] en […], en de eilandsraad, vertegenwoordigd door mr. F.L. Cijntje-de Jager, ambtenaar in dienst van het eilandgebied, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. Ingevolge artikel 96, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (hierna: de Lar), voor zover thans van belang, kan een onherroepelijke uitspraak van het Hof, als bedoeld in artikel 78, op verzoek van een partij worden herzien op grond van nader gebleken feiten of omstandigheden die hebben plaatsgevonden voor de uitspraak, die de verzoekende partij redelijkerwijs niet bekend konden zijn en die, waren zij eerder bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.
2.2. DRAC heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat, samengevat weergegeven, het Hof in de uitspraak waarvan herziening wordt verzocht, heeft miskend dat de eilandsraad het besluit van 3 december 1990 niet op aanvraag van de stichting Fundashon Autosport Curaçao heeft genomen en daartoe derhalve onbevoegd was.
2.2.1. Hetgeen DRAC aldus heeft aangevoerd, zijn geen feiten of omstandigheden, als bedoeld in voormeld artikel 96, eerste lid, van de Lar. Het bijzondere rechtsmiddel van herziening strekt er niet toe om het debat te heropenen en de juistheid van de uitspraak, waarvan herziening wordt verzocht, anders dan naar aanleiding van zodanige feiten en omstandigheden, aan de orde te stellen.
2.3. Het verzoek dient als ongegrond te worden afgewezen.
2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
Recht doende in naam der Koningin:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. H.L. Wattel, voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. P. van Dijk, leden, in tegenwoordigheid van mr. N.M. Martinez, griffier.
w.g. Wattel
Voorzitter
w.g. Martinez
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 20 november 2008
Verzonden:
Voor eensluidend afschrift,
de griffier,
voor deze,