ECLI:NL:OGHNAA:2008:BL2938
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Raadkamer
- H.L. Wattel
- M.T. Paulides
- W.P. Scheltema
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige hechtenis na overschrijding duur onvoorwaardelijke straf
Verzoeker is door het Gerecht in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van achttien maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk. Tegen dit vonnis is hoger beroep ingesteld, waarover nog niet is beslist. Verzoeker vroeg daarop om opheffing van zijn voorlopige hechtenis.
Het Hof stelt vast dat nog steeds ernstige bezwaren tegen verzoeker bestaan en dat de gronden voor voorlopige hechtenis onverminderd aanwezig zijn. De kernvraag is of de duur van de opgelegde onvoorwaardelijke straf de duur van de voorlopige hechtenis overschrijdt, zoals bedoeld in artikel 108, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Aangezien verzoeker sinds 6 januari 2008 in verzekering is gesteld en de straf van negen maanden onvoorwaardelijke hechtenis (na aftrek van de voorwaardelijke zes maanden) inmiddels is overschreden, is het bevel tot voorlopige hechtenis op te heffen. Het Hof besluit daarom de voorlopige hechtenis op te heffen, ondanks het feit dat het hoger beroep nog loopt.
Uitkomst: De voorlopige hechtenis wordt opgeheven omdat de duur van de onvoorwaardelijke straf de duur van de voorlopige hechtenis overschrijdt.