ECLI:NL:OGHNAA:2009:BH5685
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Kort geding
- J.R. Sijmonsma
- E.P. van Unen
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vordering SPSA tegen Aqualectra inzake nieuwe CAO-salarisstructuur
SPSA vorderde in kort geding dat Aqualectra zou worden verboden functies met een waardering van 157,5 tot 217 punten onder de nieuwe CAO te laten vallen, stellende dat dit wanprestatie of onrechtmatig handelen jegens SPSA en haar leden zou zijn. Het Hof oordeelde dat tussen Aqualectra en SPSA geen contractuele relatie bestaat die Aqualectra zou binden zich te onthouden van het aangaan van het protocol met STK.
Hoewel het protocol mogelijk leidt tot een vermindering van het aantal SPSA-leden, weegt het Hof mee dat Aqualectra zich de gerechtvaardigde belangen van SPSA tot op zekere hoogte moet aantrekken, maar niet zodanig dat zij zich moet onthouden van het protocol. Het belang van Aqualectra bij een efficiënt personeelsbeleid en het beëindigen van onderscheid tussen CAO- en staffuncties is redelijk.
Het Hof onderscheidde drie groepen werknemers: leden van STK die gebonden zijn aan de CAO, niet-leden die niet gebonden zijn maar wel profiteren van arbeidsvoorwaarden, en werknemers met een functiewaardering boven 217 punten die niet gebonden zijn. Geen van deze groepen wordt door het protocol onrechtmatig benadeeld. SPSA heeft bovendien geen belang bij vorderingen namens toekomstige werknemers.
De grieven van SPSA faalden, en het Hof bevestigde het vonnis van de eerste aanleg en veroordeelde SPSA in de proceskosten.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het vonnis van eerste aanleg en wijst de vordering van SPSA af, met veroordeling in proceskosten.