ECLI:NL:OGHNAA:2009:BI3285
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- J.R. Sijmonsma
- E.P. van Unen
- F.J.P. Lock
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontslag curatoren in faillissement WIC wegens onduidelijkheid vordering IBAS EDE BV
In deze zaak verzocht de curator van IBAS EDE BV om het ontslag van de curatoren in het faillissement van WIC. De grondslag was de stelling dat IBAS EDE BV een aanzienlijke vordering op WIC heeft, die door de curatoren niet op de lijst van voorlopig erkende vorderingen is geplaatst. Daarnaast wilden de curatoren geen beslag leggen op het vermogen van de directeuren en commissarissen van WIC.
Het Hof oordeelde dat er onvoldoende zekerheid bestaat over de vraag welke partij een vordering op de andere heeft. Financiële stukken zijn onduidelijk en er loopt een onderzoek door een financieel expert naar de rekening-courantverhouding tussen WIC en IBAS EDE BV. Hierdoor kan de weigering van de curatoren om beslag te leggen niet als onjuist worden bestempeld.
Het Hof weegt mee dat als bij opheffing van het faillissement blijkt dat IBAS EDE BV geen vordering heeft, onrechtmatig beslag zou kunnen zijn gelegd, wat tot schadeplichtigheid van de curatoren kan leiden. Ook is onduidelijk op welke stukken de schuld in de jaarrekening van WIC is gebaseerd.
Het verzoek tot ontslag van de curatoren wordt daarom afgewezen. Tevens wordt het verzoek tot beslaglegging op het vermogen van een derde commissaris afgewezen, omdat de vordering tegen deze persoon door het Gerecht in eerste aanleg is afgewezen en het hoger beroep niet-ontvankelijk is verklaard. De kosten worden door partijen zelf gedragen.
Uitkomst: Het verzoek tot ontslag van de curatoren in het faillissement van WIC wordt afgewezen vanwege onvoldoende zekerheid over de vordering van IBAS EDE BV.