ECLI:NL:OGHNAA:2009:BJ5850

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba

Datum uitspraak
19 juni 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
KG 82/09 - HAR 34/09
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 226 RvArt. 235 Rv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot spoedappel in kort geding over ontruiming meubelzaak

Caba Enterprises N.V. is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Sint Maarten, in een kort gedingprocedure over de ontruiming van haar meubelzaak.

Caba verzocht het hof om haar appel als spoedappel te behandelen, met het argument dat er sprake was van spoedeisendheid vanwege bedrijfseconomische belangen. Dit verzoek werd behandeld in een zitting waarbij partijen en hun gemachtigden aanwezig waren.

Het hof overwoog dat hoewel de zaak spoedeisend was en een onmiddellijke voorziening bij voorraad vereiste, dit niet automatisch recht gaf op een verdere verkorting van de termijnen dan wettelijk is voorzien. Voor een spoedappel is vereist dat er sprake is van grote spoed, hetgeen in deze zaak niet werd vastgesteld.

Het enkele bedrijfseconomische belang van Caba om haar meubelzaak niet te hoeven ontruimen was onvoldoende om de termijnen verder te verkorten. Daarom wees de fungerend president het verzoek af en handhaafde de reguliere termijnen voor het hoger beroep.

Uitkomst: Verzoek tot behandeling van het hoger beroep als spoedappel wordt afgewezen wegens onvoldoende grote spoed.

Uitspraak

Registratienummer: KG 82/09 - HAR 34/09
Uitspraak: 19 juni 2009
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA
Beschikking in de zaak van:
de naamloze vennootschap CABA ENTERPRISES N.V.,
gevestigd op Sint Maarten,
oorspronkelijk gedaagde,
thans appellante en verzoekster,
gemachtigde: mr. J. Bloem,
- tegen -
[verweerders],
beiden wonend op Sint Maarten,
oorspronkelijk eisers,
thans geïntimeerden en verweerders,
gemachtigden: mr. E.R. de Vries en F.T. Hiemstra.
Partijen worden hierna Caba en [verweerders] genoemd.
1. Het verloop van de procedure
1.1 Op 5 juni 2009 heeft het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Sint Maarten, (verder: GEA) tussen partijen vonnis in kort geding gewezen. Voor hetgeen in eerste aanleg is gesteld en gevorderd, de procesgang aldaar en de overwegingen en beslissingen van het GEA wordt verwezen naar dat vonnis. Het vonnis is op 17 juni 2009 aan Caba betekend.
1.2 Caba is in hoger beroep gekomen van voornoemd vonnis door op 15 juni 2009 een akte van appel in te dienen. Op 16 juni 2009 heeft zij een memorie van grieven ingediend.
1.3 Bij e-mailbericht van 16 juni 2009, heeft de gemachtigde van Caba verzocht om het appel als een spoedappel te behandelen. Dit verzoek is behandeld ten overstaan van de fungerend president op 18 juni 2009 op Sint Maarten, waar partijen, bijgestaan door hun gemachtigden, zijn gehoord.
2. De beoordeling
2.1 De enkele omstandigheid dat de zaak spoedeisend is en dat daarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening bij voorraad wordt vereist, zoals bedoeld in art. 226 Rv Pro, is onvoldoende voor verdere verkorting van de termijnen dan overeenkomstig de eerste volzin van art. 235 Rv Pro. Daarvoor is nodig dat sprake is van grote spoed. In gevallen van grote spoed is de president niet verplicht de termijnen verder te verkorten. Het betreft een discretionaire bevoegdheid.
2.2 In het onderhavige geval is geen sprake van een zo grote spoed dat een afweging van belangen leidt tot verdere verkorting van de termijnen dan reeds in de wet voorzien. Het enkele (bedrijfseconomische) belang van Caba haar meubelzaak (nog) niet te behoeven ontruimen, is daartoe onvoldoende.
BESLISSING
De fungerend president:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. F.J.P. Lock, lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba en uitgesproken op 19 juni 2009 in tegenwoordigheid van de griffier.