ECLI:NL:OGHNAA:2009:BJ9606
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beschikking onderhandse executie hypotheekhouder afgewezen wegens niet-naleving wettelijke eisen
Appellant is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking om onderhandse executie door de hypotheekhouder, zoals geregeld in artikel 3:268 BW Pro NA en artikel 548 Rv Pro NA. Hoewel deze beschikking volgens de wet niet-appellabel is, heeft het Hof het hoger beroep ontvankelijk verklaard vanwege doorbrekingsgronden die verband houden met essentiële vormverzuimen.
De appellant stelde onder meer dat geen nieuwe veiling was aangekondigd en dat geen lijst van belanghebbenden was overgelegd, terwijl deze personen niet opgeroepen waren. Dit leidde tot het oordeel dat het appelverbod doorbroken was, omdat potentiële gegadigden niet op de hoogte waren gesteld van de mogelijkheid om een bod te doen of bezwaar te maken.
Het Hof oordeelde dat er geen reden was om de devolutieve werking van het appel te ontkennen en heeft de toewijsbaarheid van het verzoek van Korpodeko beoordeeld. Het verzoek tot onderhandse executie werd afgewezen omdat niet aan de wettelijke eisen was voldaan. Er was geen sprake van misbruik van recht door appellant.
Korpodeko werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, bestaande uit salaris van de gemachtigde en verschotten. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het verzoek van Korpodeko afgewezen.
Uitkomst: Het Hof wijst het verzoek tot onderhandse executie af wegens niet-naleving van wettelijke eisen en veroordeelt Korpodeko in de kosten.