ECLI:NL:OGHNAA:2009:BK9374
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Raadkamer
- J.R. Sijmonsma
- G.C.C. Lewin
- E.M. van der Bunt
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek gedetineerde tot verlating gevangenis onder elektronisch toezicht voorafgaand aan voorwaardelijke invrijheidstelling
Een gedetineerde in de Bon Futuro gevangenis verzocht het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba om hem voorafgaand aan zijn voorwaardelijke invrijheidstelling te mogen verlaten onder elektronisch toezicht. Dit verzoek werd ingediend op grond van artikel 43 van Pro het Wetboek van Strafvordering en betrof een situatie waarin de ministeriële beschikking van 27 oktober 2009 zijn eerdere verzoek tot elektronisch toezicht had afgewezen.
De procureur-generaal stelde aanvankelijk dat de gedetineerde niet-ontvankelijk verklaard moest worden omdat het verzoek betrekking had op de wijze van executie, een onderwerp waarop het Wetboek van Strafvordering geen regeling kent. Het Hof oordeelde echter dat het stadium van de executie wel degelijk binnen het bereik van artikel 43 Sv Pro valt en dat het ontbreken van een rechtsmiddel tegen de afwijzing van het verzoek om elektronisch toezicht een voorziening bij de rechter noodzakelijk maakt.
Inhoudelijk stelde het Hof vast dat de ministeriële beschikking geen concrete redengevende feiten bevatte voor de afwijzing, en dat de genoemde speculaties en vermoedens niet onder de weigeringsgronden van de ministeriële beschikking vielen. Daarom werd het verzoek toegewezen en werd het land de Nederlandse Antillen bevolen de gedetineerde voorafgaand aan zijn voorwaardelijke invrijheidstelling te vergunnen de gevangenis te verlaten onder elektronisch toezicht.
Uitkomst: Het verzoek om voorafgaand aan de voorwaardelijke invrijheidstelling de gevangenis te verlaten onder elektronisch toezicht wordt toegewezen.