ECLI:NL:OGHNAA:2010:BO4544
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- H.L. Wattel
- E.M. van der Bunt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verdeling huwelijksgoederengemeenschap na echtscheiding
Partijen zijn in 1962 gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn in 2001 gescheiden waarbij de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap werd gelast. De appellant betwist niet dat de gemeenschap verdeeld moet worden, maar stelt dat ook ouderdomspensioen, huurinkomsten, de waarde van een gesloopte woning en betaalde belastingen in de verdeling moeten worden betrokken.
Het hof oordeelt dat het zich niet voldoende geïnformeerd acht over deze inhoudelijke geschilpunten en gelast een comparitie voor het verstrekken van nadere inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling. Tevens wordt de appellant verzocht nadere stukken en toelichtingen te overleggen.
Het hof wijst erop dat de oorspronkelijke verweerder in hoger beroep nieuwe verweren mag inbrengen, ook als in eerste aanleg geen verweer is gevoerd, en verwerpt het betoog dat dit strijdig zou zijn met een goede procesorde. Het hof verleent de geïntimeerde kosteloze procesvoering en houdt iedere verdere beslissing aan tot na de comparitie.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en gelast een comparitie voor nadere informatie en minnelijke regeling.