Uitspraak
Regeling Ambtenarenrechtspraak 1951 (RAr 1951)
RAAD VAN BEROEP
[Appellante],
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellante, sinds 2004 in vaste dienst bij de Douane Curaçao, werd ontslagen wegens ongeschiktheid op grond van artikel 103 van Pro de Landsverordening materieel ambtenarenrecht. Het ontslag volgde na vastgestelde gedragingen die haar onbetrouwbaarheid aantonen, waaronder onrechtmatig handelen bij invoer van een motorfiets, langdurig onrechtmatig verzuim, niet naleven van ziekmeldingsprocedures en het overtreden van werkvoorschriften.
De Raad stelde vast dat deze gedragingen, elk als plichtsverzuim kwalificerend, samen genomen aantonen dat appellante niet de vereiste mentaliteit bezit voor haar functie. Hoewel ziekteverzuim werd erkend, was dit niet de reden voor ontslag; het ging om de onbetrouwbaarheid. Appellante had sinds 2006 meerdere keren de kans gekregen haar gedrag te verbeteren, maar dit niet gedaan.
Appellante voerde aan dat het ontslag onrechtmatig was omdat haar geen reële verbeterkans was geboden en dat er sprake zou zijn van onzuivere motieven, maar deze stellingen werden niet aannemelijk gemaakt. De Raad concludeerde dat het ontslagbesluit rechtmatig is en bevestigde het vonnis van het Gerecht in Ambtenarenzaken. Een proceskostenvergoeding werd niet toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ongeschiktheidsontslag wordt bevestigd.