Uitspraak
zitting houdende in Aruba,
1.Het procesverloop
2.De tussen partijen vaststaande feiten
inkomen:
periodieke uitkering (onderstand)
Raad van Beroep voor Belastingzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Belanghebbende werd in 2007 strafrechtelijk onderzocht en veroordeeld voor het organiseren van drugstransporten en handel in verdovende middelen. Tijdens het onderzoek werden bescheiden in beslag genomen waaruit bleek dat zij aanzienlijke inkomsten had genoten in de jaren 2002 tot en met 2005, waaronder huuropbrengsten en renteopbrengsten die niet waren aangegeven.
De Belastingdienst stelde op basis van een boekenonderzoek en verklaringen een schatting van het belastbaar inkomen vast, inclusief opbrengsten uit drugshandel, huuropbrengsten en rente. Belanghebbende betwistte deze aanslagen en voerde aan dat haar inkomen slechts bestond uit een bijstandsuitkering en rente-inkomsten.
De Raad oordeelt dat belanghebbende niet de vereiste aangifte heeft gedaan en de administratieve verplichtingen niet is nagekomen, waardoor de bewijslast omgekeerd en verzwaard is. De inspecteur heeft een redelijke schatting gemaakt van het belastbaar inkomen. Belanghebbende heeft onvoldoende bewijs geleverd om deze schatting te weerleggen.
Daarom verklaart de Raad de beroepen ongegrond en bevestigt de aanslagen voor de jaren 2002 tot en met 2005, waarbij ook de inkomsten uit drugshandel, huuropbrengsten en renteopbrengsten worden meegenomen in het belastbaar inkomen.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard en de aanslagen worden bevestigd.