Uitspraak
1.Het procesverloop
2.De tussen partijen vaststaande feiten
3.Geschil
4.De standpunten van partijen
5.Beoordeling van het geschil
30.05
Raad van Beroep voor Belastingzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Belanghebbende was duurzaam gescheiden van zijn ex-echtgenote en had in 2005 alimentatiebetalingen gedaan op grond van een overeenkomst die later deels in de echtscheidingsbeschikking werd bevestigd. Hij trok deze betalingen, inclusief betaalde hypotheekrente, af als persoonlijke last in zijn aangifte inkomstenbelasting 2005.
De Inspecteur betwistte de aftrekbaarheid van het deel van de hypotheekrente en het verstrekte woongenot, stellende dat alleen juridisch afdwingbare verplichtingen aftrekbaar zijn. De Raad oordeelde echter dat de overeenkomst wel degelijk afdwingbaar was en dat belanghebbende zich redelijkerwijs gedrongen kon voelen tot het voorzien in het levensonderhoud van zijn ex-echtgenote.
Verder werd geoordeeld dat de waarde van het verstrekte woongenot aftrekbaar is zonder vermindering voor het deel dat ten bate kwam aan het minderjarige kind, omdat de zorgplicht voor het kind apart werd voldaan. De Raad stelde het aftrekbare bedrag vast op NAf. 30.050 en vernietigde de bestreden beschikking, waardoor het belastbaar inkomen werd verminderd tot NAf. 141.335.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het belastbaar inkomen wordt verminderd tot NAf. 141.335 door aftrek van alimentatiebetalingen inclusief verstrekt woongenot.