Uitspraak
zitting houdende op Curaçao
gemachtigde [A],
Raad van Beroep voor Belastingzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2008 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd met een belastbaar inkomen van NAf. 168.077,00 en een verschuldigde belasting van NAf. 10.311,00. Hij maakte bezwaar tegen de aanslag en ging in beroep tegen de uitspraak van de Inspecteur die de aanslag handhaafde.
Het geschil betrof de vraag of belanghebbende recht had op de basiskorting en ouderentoeslag. De Inspecteur wees dit af omdat rente-inkomsten uit binnenlandse bank- en spaartegoeden tegen een verlaagd tarief van 5% worden belast en volgens de wet geen recht geven op deze kortingen.
De Raad oordeelde dat de wetgever met de tariefstructuur en de uitsluiting van kortingen op deze rente-inkomsten beoogde dat hiervoor geen verdere fiscale tegemoetkomingen gelden. De aanslag was correct berekend en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag zonder toepassing van basiskorting en ouderentoeslag bevestigd.