Uitspraak
zitting houdende op Bonaire
1.Het procesverloop
2.De tussen partijen vaststaande feiten
3.Geschil
4.De standpunten van partijen
5.Beoordeling van het geschil
A Artikel 4.4 wordt als volgt gewijzigd:
Raad van Beroep voor Belastingzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Belanghebbende, een op Bonaire gevestigde projectontwikkelingsmaatschappij, was eigenaar van twee braakliggende percelen en kreeg waardebeschikkingen en aanslagen vastgoedbelasting opgelegd. Zij stelde zich primair op het standpunt dat zij recht had op vrijstelling op grond van artikel 4.4 letter b Belastingwet BES en subsidiair op grond van letter k, waarbij het begrip 'inwoner' centraal stond.
De inspecteur betoogde dat 'inwoner' uitsluitend natuurlijke personen betreft, wat volgens de toelichting bij de wetswijziging ook de bedoeling was. De Raad stelde echter vast dat de wetstekst zelf dit onderscheid niet maakt en dat het begrip 'inwoner' ook rechtspersonen kan omvatten. Dit werd bevestigd door latere wetswijzigingen die expliciet maakten dat de term 'inwoner' betrekking heeft op natuurlijke personen, implicerend dat eerder ook rechtspersonen konden worden bedoeld.
De Raad verklaarde de beroepen tegen de waardebeschikkingen ongegrond omdat de waarde niet in geschil was, maar verklaarde de beroepen tegen de aanslagen vastgoedbelasting gegrond en vernietigde deze. De primaire stelling van belanghebbende behoefde daardoor geen verdere behandeling.
Uitkomst: De aanslagen vastgoedbelasting worden vernietigd omdat belanghebbende als rechtspersoon onder het begrip 'inwoner' valt en recht heeft op vrijstelling.