ECLI:NL:ORBBNAA:1994:BU4895
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. Warnink
- J.K. Moltmaker
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep wegens onvoldoende bewijs bij te late aangifte inkomstenbelasting 1988
Appellant diende zijn aangifte inkomstenbelasting over het jaar 1988 ruim negen maanden na het verstrijken van de uitsteltermijn in. De Inspecteur had op basis van het ontbreken van tijdige aangifte een ambtshalve aanslag opgelegd, die na bezwaar werd verminderd. Appellant kwam tijdig in beroep bij de Raad van Beroep voor Belastingzaken.
Tijdens de procedure moest appellant bewijzen dat de aanslag te hoog was, met name dat de onderhoudskosten aan zijn woning hoger waren dan door de Inspecteur aangenomen, dat de huurwaarden van de bewoonde woningen lager waren dan vastgesteld, en dat de buitengewone lasten hoger waren dan aangenomen. De door appellant overgelegde nota’s, facturen en kwitanties boden onvoldoende inzicht in de aard en omvang van de werkzaamheden.
De Raad oordeelde dat appellant niet voldeed aan zijn bewijslast en dat het te late indienen van de aangifte niet werd gecompenseerd door het ingediende aangiftebiljet. Het beroep werd daarom verworpen en de aanslag gehandhaafd zoals verminderd door de Inspecteur.
Uitkomst: Het beroep wordt verworpen wegens onvoldoende bewijs en de aanslag inkomstenbelasting 1988 blijft gehandhaafd.