ECLI:NL:ORBBNAA:2000:BU4068
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.W.M. Bijloos
- Th. Groeneveld
- C.W.M. van Ballegooijen
- Rechtspraak.nl
Aftrekbaarheid werknemersdeel premie AVBZ in inkomstenbelasting 1997
Appellant kreeg voor het jaar 1997 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op een zuiver inkomen van Naf 62.832 met kinderaftrek van Naf 250. Na bezwaar werd de aanslag verminderd tot een zuiver inkomen van Naf 58.845 met dezelfde kinderaftrek. Appellant betwistte de niet-aftrekbaarheid van het werknemersdeel van de premie Algemene Verzekering Bijzondere Ziektekosten (AVBZ), dat door de werkgever op het loon werd ingehouden.
De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat het werknemersdeel van de premie AVBZ niet kwalificeert als een op de opbrengst van de dienstbetrekking rustende last in de zin van artikel 9, eerste lid, van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943. Dit premiedeel moet worden gezien als een verplichte inkomensbesteding, waardoor het het zuivere inkomen niet beïnvloedt.
Verder werd vastgesteld dat partijen overeenstemming hadden over de kinderaftrek, die werd verhoogd tot Naf 500. De Raad vernietigde de eerdere beschikking en stelde de aanslag vast op een zuiver inkomen van Naf 58.845 met toepassing van de gehuwdentabel en een kinderaftrek van Naf 500.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 1997 wordt verminderd tot een zuiver inkomen van Naf 58.845 met kinderaftrek van Naf 500.