ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU9650
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Gijn
- Ilsink
- Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Belastingplicht en vrijstellingsvraag bij commerciële onderwijsinstelling onder LBBO
Appellante, een stichting die medische opleidingen aanbiedt en studenten in Miami werft, kreeg naheffingsaanslagen opgelegd voor de belasting op bedrijfsomzetten over 1997. Zij stelde dat de tenaamstelling van de aanslagen onjuist was en dat zij geen belastingplichtige was onder de LBBO. Tevens voerde zij aan recht te hebben op vrijstelling als niet-commerciële, algemeen nut beogende instelling.
De Raad oordeelde dat de aanslagen correct waren geïdentificeerd via het unieke cribnummer, waardoor onjuiste tenaamstelling niet tot nietigheid leidt. Appellante werd aangemerkt als belastingplichtige omdat zij een duurzaam bedrijf uitoefent dat gericht is op het bevredigen van behoeften via economische activiteiten, ongeacht winststreven. De stelling van appellante dat zij niet winstgericht is, werd verworpen wegens het ontvangen van substantiële betalingen van studenten en het ontbreken van bewijs voor het tegendeel.
De vrijstellingsgrond voor niet-commerciële instellingen werd afgewezen omdat appellante commercieel opereert en geen overheidssubsidie ontvangt. Het gelijkheidsbeginsel werd niet aanvaard als argument voor vrijstelling, aangezien vergelijkbare onderwijsinstellingen niet commercieel zijn en vrijstelling krijgen, terwijl appellante dat niet is. De Raad verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de naheffingsaanslagen wordt ongegrond verklaard en zij is belastingplichtig zonder recht op vrijstelling.