ECLI:NL:ORBBNAA:2002:BU4345
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. van Gijn
- Th. Groeneveld
- C.W.M. van Ballegooijen
- Rechtspraak.nl
Dienstbetrekking van musici in fiscale zin bij betaling via naamloze vennootschappen
Appellante exploiteert een hotelcomplex en sloot een overeenkomst met vier naamloze vennootschappen, elk verbonden aan een lid van de muziekband S., voor optredens in haar nachtclub. De Inspecteur legde naheffingsaanslagen loonbelasting en premies AOV/AWW op omdat hij meende dat de musici in dienstbetrekking stonden tot appellante. Appellante betwistte dit en stelde dat zij alleen met de vennootschappen contracteerde en dat de musici zich konden laten vervangen.
De Raad beoordeelde of er een dienstbetrekking bestond volgens artikel 3, eerste lid, van de Landsverordening loonbelasting. Hierbij is bepalend of een gezagsverhouding bestaat tussen degene die werk opdraagt en degene die het uitvoert. Uit het contract bleek dat appellante instructies kon geven aan de musici en dat zij verplicht waren deze op te volgen. Vervanging door anderen vond in de praktijk niet plaats.
De Raad concludeerde dat de arbeidsverhouding tussen appellante en de musici voldeed aan de fiscale definitie van dienstbetrekking, ondanks dat de beloning via vennootschappen werd uitbetaald. De naheffingsaanslagen werden verminderd tot een gezamenlijk bedrag van circa Awg 200.000 zonder verhogingen. De beroepen werden gegrond verklaard en de uitspraken op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen werden verminderd tot circa Awg 200.000 en de dienstbetrekking van de musici werd bevestigd.