ECLI:NL:ORBBNAA:2004:BT6225
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Gijn
- Groeneveld
- Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Aftrekbaarheid kosten tuinonderhoud na defiscalisering eigen woning
Appellante kreeg voor het belastingjaar 2000 een aanslag opgelegd met een belastbaar inkomen van Naf 114.877. Zij maakte bezwaar tegen de aanslag omdat zij de kosten van tuinonderhoud van haar eigen woning aftrekbaar wilde stellen. De Inspecteur handhaafde de aanslag, waarna appellante in beroep ging bij de Raad van Beroep.
De kern van het geschil betrof de vraag of de kosten voor tuinonderhoud aftrekbaar zijn op grond van artikel 16, eerste lid, onderdeel h, van de Landsverordening inkomstenbelasting (LIB) na de defiscalisering van de eigen woning per 1 januari 2000. Voorheen waren onderhoudskosten, waaronder tuinonderhoud, aftrekbaar op grond van artikel 9 LIB Pro.
De Raad overwoog dat de wetgever bij de wetswijziging geen wijziging in de betekenis van onderhoudskosten heeft beoogd. De defiscalisering van de eigen woning leidde tot het vervallen van de aftrekbaarheid op grond van artikel 9, maar de aftrekbaarheid werd voortgezet onder artikel 16 als Pro persoonlijke lasten. De Raad concludeerde dat de kosten voor tuinonderhoud aftrekbaar blijven en stelde het beroep van appellante daarom gegrond.
Als gevolg hiervan werd het belastbaar inkomen verminderd tot Naf 112.022. De Raad verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat de aanslag dienovereenkomstig wordt verminderd.
Uitkomst: De Raad van Beroep verklaart het beroep gegrond en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van Naf 112.022.