ECLI:NL:ORBBNAA:2004:BT8863
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. van Gijn
- C.W.M. van Ballegooijen
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging van loonbelastingnavorderingen wegens onjuiste toepassing ex-patriate beschikking
De zaak betreft een geschil over loonbelastingnavorderingen voor de jaren 1998 tot en met 2001, opgelegd aan appellante met betrekking tot haar directeur M. De Inspecteur had vastgesteld dat de ex-patriate (EP) beschikking van 18 september 1995 was vervallen per 31 januari 1996, waarna navorderingsaanslagen werden opgelegd wegens vermeende onrechtmatige toepassing van de fringe benefits regeling.
Appellante betoogde dat op grond van de overgangsrechtelijke bepaling van artikel 14, tweede lid, van de Beschikking ex-patriates 1998, de oudere regeling uit 1988 van toepassing bleef voor aanvragen gedaan vóór inwerkingtreding van de nieuwe regeling. De Raad oordeelde dat de Inspecteur appellante niet had gewezen op deze gunstige keuzemogelijkheid, wat vanuit zorgvuldig bestuur wel had moeten gebeuren.
De Raad stelde vast dat de Inspecteur niet voldeed aan het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel door achteraf de EP beschikking als vervallen te beschouwen zonder een nieuwe beslissing te nemen op de verlengingsaanvragen. Hierdoor konden de navorderingsaanslagen niet standhouden. De beroepen van appellante werden gegrond verklaard en de beschikkingen op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: De beroepen worden gegrond verklaard en de beschikkingen op bezwaar vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel.