ECLI:NL:ORBBNAA:2006:BQ9544
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.Th. Drop
- C.W.M. van Ballegooijen
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onkostenvergoedingen en loonbelasting bij dienstbetrekking Aruba
Belanghebbende was in dienst van de Directie Scheepvaart Aruba met standplaats Miami en ontving onkostenvergoedingen naast zijn salaris over de jaren 2000 en 2001. De Inspecteur stelde dat deze vergoedingen bovenmatig waren en daarom als loon moesten worden belast boven de in de Fringe Benefits Regeling genoemde bedragen.
Belanghebbende voerde aan dat de onkostenvergoedingen onbelast moesten blijven en dat de Inspecteur te kwader trouw handelde door deze in de inkomstenbelasting te belasten in plaats van via loonbelasting bij de werkgever. De Raad stelde vast dat belanghebbende geen bewijs leverde dat de vergoedingen daadwerkelijk kosten betroffen voor de verwerving van inkomen.
De Raad oordeelde dat de onkostenvergoedingen bedoeld waren voor inkomensbesteding en alleen onbelast konden zijn indien een specifieke wettelijke basis bestond. De Inspecteur had binnen zijn bevoegdheid gehandeld en het beroep tegen de aanslagen premies was niet-ontvankelijk, terwijl het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting 2000 ongegrond werd verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de premies zijn niet-ontvankelijk en het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting 2000 is ongegrond verklaard.