ECLI:NL:ORBBNAA:2009:6
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Beschikking
- J.Th. Drop
- C.W.M. van Ballegooijen
- J.B.H. Roben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verzuimboete wegens niet tijdig indienen omzetbelasting bij juiste instantie
Belanghebbende diende de aangifte omzetbelasting voor augustus 2006 op 15 september 2006 in door het biljet af te geven bij de RBTT-bank en betaalde het verschuldigde bedrag eveneens die dag. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag en een boete op wegens te late indiening. Na bezwaar werd de boete verminderd, maar niet vernietigd. Belanghebbende stelde beroep in tegen deze beslissing.
De kern van het geschil betrof de vraag of de aangifte tijdig was ingediend. Belanghebbende betoogde dat de afgifte bij de bank gelijk stond aan tijdige indiening, mede gezien de tijdige betaling. De Inspecteur stelde dat de aangifte bij de verkeerde instantie was ingediend, namelijk de bank in plaats van de Inspecteur.
De Raad oordeelde dat de wet en het aangiftebiljet duidelijk voorschrijven dat de aangifte bij de Inspecteur moet worden ingediend. Betaling via de bank is een aparte verplichting en vervangt het indienen van de aangifte niet. Omdat geen uitvoeringsregeling bestaat die indiening bij de bank toestaat, is de aangifte niet tijdig gedaan. De boete is passend en conform het boetebeleid, aangezien het hier om een tweede verzuim gaat.
De Raad verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de boete van Naf 42. Het vonnis werd uitgesproken op 15 mei 2005 door drie raadsheren.
Uitkomst: De verzuimboete van Naf 42 wegens niet tijdig indienen van de aangifte omzetbelasting bij de Inspecteur wordt bevestigd.